Terug

Beroepsmatig gebruik van het rijbewijs A, B en B+E: code 101

Met het rijbewijs met code101 mag u maximaal vier uur per dag een auto besturen voor de uitoefening van uw beroep. Het is niet toegestaan om beroepsmatig personen te vervoeren (bijvoorbeeld als taxichauffeur) of onder toezicht iemand anders te laten rijden (bijvoorbeeld als rij-instructeur).

Na eerste implantatie ICD

Na implantatie van de ICD voor primaire preventie(ventrikelfibrileren of bijvoorbeeld bij erfelijkheid)
Twee weken niet rijgeschikt.Daarna kan een nieuw rijbewijs met code 101(beperkt beroepsmatig gebruik inclusief privé gebruik) worden aangevraagd. Het rijbewijs is maximaal vijf jaar geldig. Als alle vereiste documenten in orde zijn, probeert het CBR uw aanvraag binnen enkele weken af te handelen.
In de periode dat u niet mag rijden bent u bij eventuele calamiteiten niet verzekerd.
Na implantatie van de ICD nadat ventrikelfibrileren heeft plaatsgevonden(secundair)
Twee maanden niet rijgeschikt. Pas daarna kan een nieuw rijbewijs met code 101(beperkt beroepsmatig gebruik inclusief privé gebruik)worden aangevraagd met een geschiktheidsverklaring van de behandelend cardioloog. Als alle vereiste documenten in orde zijn, probeert het CBR uw aanvraag binnen vier weken af te handelen.
In de periode dat u niet mag rijden bent u bij eventuele calamiteiten niet verzekerd.

Na een terechte shock.
U mag twee maanden niet autorijden. Uw rijbewijs met code 101 is tijdelijk niet geldig en bij eventuele calamiteiten bent u niet verzekerd. Daarna mag u weer autorijden mits de behandelend cardioloog toestemming heeft gegeven.

Na een onterechte shock.
Rij ongeschikt totdat kans op herhaling is geminimaliseerd door aanpassing van de instellingen van de ICD of aanpassing van de medicatie. Dit ter beoordeling van de behandelend cardioloog.

Na vervanging van de ICD én vervanging of bijplaatsing van één of meer draden.
U mag autorijden na genezing van de wond en in overleg met de behandelend cardioloog. Deze bepaalt of herkeuring nodig is.

Na vervanging of bijplaatsing van één of meer draden.
U mag autorijden na genezing van de wond en in overleg met de behandelend cardioloog. Deze bepaalt of herkeuring nodig is.

Na vervanging ICD door S-ICD.
U mag autorijden na genezing van de wond en in overleg met de behandelend cardioloog.

(Regeling eisen geschiktheid 2000, artikel 6.7.4: Staatscourant 99 [23 mei 2000], pagina 10 e.v.; gewijzigd: Staatscourant 106 [8 juni 2004], pagina 13 e.v.)




Zie ook [u]Overzicht wachttijden na een shock of operatie.

[/u]

Laatste update: 1161 dagen geleden